Groencompostering   Terug naar overzicht


Het ingezamelde groenafval wordt op 1 van de 5 composteringssites van Bionerga (Bilzen, Houthalen, Maasmechelen, Overpelt en Sint-Truiden) gecomposteerd. Dankzij strikte opvolging van het proces verloopt de compostering steeds onder gunstige omstandigheden.


Aanvoer en acceptatie van groenafval

Elke aanvoer van groenafval wordt eerst gewogen op de weegbrug. Gegevens zoals tijdstip, gewicht, herkomst worden geregistreerd. Onder groenafval verstaan we het composteerbaar organisch afval dat vrijkomt in tuinen en plantsoenen zijnde snoeihout, gras, tuinafval, stronken.

Tijdens het lossen van het groenafval wordt elke aanvoer door de machinist gecontroleerd op verontreinigingen. De machinist kijkt ook na of het aangevoerde groenafval in het juiste vak wordt gelost. Het groenafval wordt dan zo snel mogelijk verwerkt.

 


Voorbehandeling: verkleinen en mengen

Een eerste stap in het verwerkingsproces is het verkleinen en mengen. Dit gebeurt door de hakselaar.

 


Opzetten tafelcompostering

Vervolgens wordt het materiaal op hopen opgezet van max. 4 m hoogte. Hogere hopen worden vermeden en zijn wettelijk ook niet toegelaten omdat door het inzakken van de hopen en de grotere afstand waarover zuurstof in de hopen getransporteerd moet worden, zuurstofloze gebieden in de hopen kunnen ontstaan met als gevolg een slechtere afbraak en geuremissie.

 


Tussenbehandeling: omzetten en bevochtigen

Het omzetten is het verplaatsen van een composthoop naar een volgend vak. Het gebeurt met de laadschop of omzetter zodat er maximaal zuurstof in het materiaal wordt gebracht. Zo wordt er een betere vermenging verkregen, wat resulteert in een beter composteringsproces en minder kans op geurhinder. Tijdens het composteringsproces stijgt de temperatuur tot 50 – 70°C.

In droge perioden en bij het opzetten van de hopen is het noodzakelijk om de hopen te bevochtigen om er een vochtgehalte van ongeveer 50% te handhaven. Hiervoor wordt het regenwater wat op het groencomposteerterrein valt opgevangen in het opvangbekken en terug over de hopen gesproeid. 

 


Controle parameters

Van iedere hoop wordt de temperatuur, pH en vocht bepaald en bijgehouden in een compostdagboek. Tijdens het composteringsproces moet de temperatuur minstens 4 dagen boven de 60°C komen. Bij deze temperatuur worden de onkruidzaden en ziektekiemen vernietigd. Dit noemt men de hygiëniseringsfase.

 


Nabehandeling: zeven

Na ongeveer 4 maanden is de hoop klaar om afgezeefd te worden. Om zeving van compost mogelijk te maken is in de eindfase een vochtgehalte van ongeveer 30% gewenst. Het afzeven gebeurt door een sterrenzeef in 3 fracties. De fijne fractie is het eindproduct groencompost, de grove fracties worden hergebruikt in de compostering als structuurmateriaal.

 


Kwaliteitsopvolging

Van het eindproduct groencompost worden regelmatig stalen genomen die zowel door ons intern labo als een extern labo geanalyseerd worden op verschillende parameters zoals vocht, organische stof, pH, voedingselementen P/ K/ Ca/ Mg, zware metalen, onzuiverheden, steentjes, rijpheidsgraad.

Vlaco (www.vlaco.be) volgt de kwaliteit van de geproduceerde compost eveneens op door op regelmatige tijdstippen zelf stalen te nemen en deze te laten analyseren.

Op basis van de analyseresultaten en de audits leveren zij een keuringsattest af. Ook het FAVV (Voedselagentschap) controleert de compostering en neemt regelmatig stalen.

De groencompost wordt afgezet als kwaliteitscompost met Vlaco-attest. 

 

Bezoek ook de website van Biostoom Oostende

Bezoek ook de website van Biostoom Beringen

Bezoek ook de website van Energiehub